Historie
De eerste vermelding van Vlissingen stamt uit 620. Vlissingen was toen niet meer dan een klein gehucht ten westen van de oude stad. De naam Vlissingen komt waarschijnlijk van een fles, die in allerlei theorieën over de naam een rol speelt en nog steeds in het wapen van de stad te zien is. De stad heeft al sinds 1315 stadsrechten. Door het graven van nieuwe havens ontstond het "Nieuwe Vlissingen". In 1556 vertrokken van hieruit Karel V en zijn zuster Maria van Hongarije naar Spanje.
In het lange bestaan van Vlissingen is het in handen van verschillende landen geweest:
- Spanje: 1568-1572
- Engeland: 1585-1616
- Frankrijk: 1809-1815
Tijdens de Tachtigjarige Oorlog was de stad in Spaanse handen, Vlissingen was op 6 april 1572 de tweede stad na Den Briel die zich van de Spanjaarden bevrijdde. In tegenstelling tot Den Briel werd Vlissingen niet door de geuzen maar door haar eigen inwoners bevrijd. Vlissingen is onder Napoleon, voordat hij heel Nederland inlijfde, ook een tijd in Franse handen geweest en ook nog eens in Engelse handen.
Na de inname van Den Briel was Vlissingen de tweede stad die door de Geuzen werd ingenomen, op 6 april 1572. Een jaar later vond hier de Slag bij Vlissingen plaats. In 1585 werden Vlissingen en Fort Rammekens, dat de haven van Middelburg - destijds de grootste handelsstad van de Noordelijke Nederlanden - beschermde, Engels bezit: koningin Elizabeth kreeg ze samen met Brielle in onderpand, in ruil voor 5000 soldaten die de Nederlanden kwamen helpen in de strijd tegen Spanje. In 1616 kwamen deze gebieden terug bij Nederland.
In 1809 landden tijdens de napoleontische oorlogen Britse troepen op Walcheren en werd Vlissingen belegerd (zie Walcherenexpeditie). Op 10 augustus begonnen de belegeringstroepen lichte beschietingen. Twee dagen later volgden zware beschietingen. Hierbij werden 1100 kanonnen ingezet. Veel gebouwen raakten vernield. Het bekendste hiervan is het stadhuis op de Grote Markt dat veel overeenkomsten had met het Antwerpse stadhuis.
Scheepsbouw heeft eeuwenlang het stadsbeeld van Vlissingen bepaald. In Vlissingen was één van de werven van de Admiraliteit van Zeeland gevestigd. In 1814 vestigde de Koninklijke Marine hier het Marine Etablissement Vlissingen, een scheepswerf voor de nieuwbouw, reparatie en uitrusting van marineschepen, die in 1868 werd gesloten. In 1875 werd het werfterrein in gebruik genomen door de Koninklijke Maatschappij De Schelde.
In de jaren '30 wilde burgemeester C.A. van Woelderen de economie van de stad vergroten op basis van de drie pijlers toerisme, haven en industrie. De havens van de stad werden vergroot en Vlissingen werd als badplaats gepromoot. Hiervoor werd een badstrand en een wandelpier opgericht. De pier is op last van de Duitse bezetters in de Tweede Wereldoorlog afgebroken om een landing van de geallieerden te voorkomen.